De achterlijkheid van huurmoordenaars verbaast me elke keer weer. Mike en ik waren op het kinderfeestje, en zoals afgesproken zou het gebeuren zodra Jojanneke’s vader Laurens naar het toilet ging. Althans, Mike zou het doen. Ik zou de kaarsjes aansteken en de Kinderen-voor-Kinderen-cd’s verzorgen en afwisselen, en de prinses vermaken.
Even voor de duidelijkheid: het was niet mijn plan. Mijn buurman Pablo had problemen met Laurens, en had Mike benaderd. Maar toen bleek dat Pablo zijn verlate dienstplicht in Italië moest gaan vervullen (er is daar nu geen oorlog en ik weet ook niet hoe het zit maar hij moest vandaag dus op de Alpe di Succiso staan), moest ik vandaag opeens mee om Mike te escorteren.
We hadden een codewoord afgesproken, want Mike kon de toiletdeur niet zien. Ik wel, en ik zou ‘Fuck it!’ fluisteren als ik Laurens naar binnen zag gaan. Maar toen werd Jojanneke boos om een stom cadeau ofzo? En Mike rende met zijn tasergun de hal in, waar Sophia met de verjaardagstaart aan kwam lopen. En nu zit ik dus op het bureau. “In iedere oudere persoon zit een jongere, die zich afvraagt wat er in godsnaam gebeurd is.” zei ik nog tegen Jojanneke.